Baby- en kindermode in cijfers
2015 - 2017

De informatie over het aantal baby- en kindermodewinkels in Nederland, het winkelvloeroppervlak, e.d., is afkomstig van Locatus. De gegevens m.b.t. omzetten en kosten zijn afkomstig van het CBS en bewerkt door Panteia. Hiervoor zijn de SBI-codes ‘47714- Winkels in baby- en kinderkleding’ en ‘47715- Winkels in babyartikelen algemeen’ gebruikt. De tot 47714 gerekende winkels richten zich op de verkoop van baby-, kleuter- en kinderkleding voor kinderen tot ca.14 jaar. Dit waren er volgens het CBS in 2017 880. De tot 47715 gerekende winkels verkopen baby-artikelen in het algemeen, waaronder babykleding, kindermeubels, -wagens en -speelgoed. Dit waren er in 2017 volgens het CBS 265.

Omzet, werkgelegenheid, aantal winkels en winkelvloeroppervlak in 2017

De omzet aan baby-, kleuter- en kinderkleding bedroeg in 2017 426 mln. euro excl. BTW. Dat is 4,3% van de door alle modewinkels in 2017 behaalde omzet van 9.947 mln. euro ex. BTW. Dit laatste bedrag was 9% van de omzet van de totale detailhandel in dat jaar. Voor de goede orde; er wordt ook nog baby- en kinderkleding via andere verkoopkanalen aangeboden, zoals postorderbedrijven, warenhuizen, sport- en outdoorwinkels, supermarkten, markt- en straathandel en particulieren via marktplaats. De totale modebranche gaf in 2017 werk aan 62.717 fte’s, 12% van alle in de detailhandel werkzame fte’s. In alle winkels die baby en/of kinderkleding verkopen, waren in datzelfde jaar 3.060 fte’s aan het werk.


In 2017 waren er 17.130 modewinkels, 18% van alle detailhandelswinkels. Daarvan waren volgens opgave van Locatus 877 baby- en kinderkledingwinkels. Vergeleken met 2014 toen er nog 993 winkels waren, is het aanbod met 11,7% gedaald.


Het totale winkelvloeroppervlak (WVO) van alle modewinkels bedroeg in 2017 3.187.000 m². Dit was 12% van het WVO van de totale detailhandel in dat jaar. Het winkelvloeroppervlak van de 877 baby- en kinderkledingwinkels bedroeg in datzelfde jaar 80.000m². Dat was in 2014 nog 85.000m². Dit betekent dat vooral kleine baby- en kinderkledingwinkels met een gering winkelvloeroppervlak de laatste jaren zijn verdwenen.

Omzet en exploitatie

De omzet aan baby- en kinderkleding bedroeg 440 mln. euro excl. BTW in 2015, 434 mln. euro in 2016 en 426 mln. euro in 2017. De omzet in 2017 is dus ten opzichte van 2015 met 3,2% gedaald, maar vergelijken we deze omzet met die van 2014 dan blijkt de omzet in vier jaar met niet minder dan 15,6% te zijn gedaald.


De resultatenrekening is op hoofdlijnen weergegeven. In de resultatenrekening is de netto omzet op 100% gesteld. De resultatenrekening geeft inzicht in de hoogte van de bruto winstmarge en enkele belangrijke kostenposten als personeel en huisvesting, alsmede het bedrijfsresultaat vóór belastingen en ondernemersbeloning in procenten van de netto omzet (tabel 1).


Omzet kengetallen

De omzetkengetallen geven een beeld van de inspanning die nodig is geweest om de omzet te realiseren. De omzet per winkel, per fte, per werkzame persoon en per vierkante meter winkelvloeroppervlak (wvo) zijn hiervoor de gebruikelijke indicatoren. Een daling van een indicator in de loop van de jaren is een maat voor een verslechtering van de productiviteit (tabel 2).

Winkels en WVO

Het totaal aantal verkooppunten in tabel 3 geeft een beeld van de krimp in de onderzochte periode. Daarnaast is, op basis van de winkelconcentratie, in dezelfde tabel een beeld geschetst waar de verkooppunten gevestigd zijn. Uit deze tabel blijkt verder dat relatief gezien vooral het aantal verspreide winkels is afgenomen.

In tabel 4 is de ontwikkeling van het totale winkelvloeroppervlak en de winkelvloeroppervlak per verkooppunt weergegeven. Ter vergelijking: het gemiddelde WVO voor alle overige modedetailhandelszaken bedroeg in 2017 186m².

Samenwerking

Samenwerking in de detailhandel komt in verschillende vormen voor. Zo zijn er inkoopcombinaties, verenigingen van onafhankelijke detaillisten. Daarnaast is er het vrijwillig filiaalbedrijf waarbij zelfstandige ondernemers zich verbinden tot afname bij een bepaalde grossier en waarbij de aangesloten bedrijven zich presenteren onder een formulenaam. Tot slot komt franchising voor (tabel 5). Uit deze tabel blijkt dat in 2017 96% van alle baby- en kinderkledingwinkels geen enkele vorm van samenwerking kende.

bron: Locatus