KIDS fashion mag beursedities

EDWIN BELT, SPECIALIST BIJ INRETAIL AAN HET WOORD


Met meer dan 30 jaar ervaring in de mode, waarvan inmiddels 13 jaar bij INretail weet Edwin Belt als specialist in de kindermode, bodyfashion, jeans en dames- en herenmode feilloos wat er momenteel leeft en speelt in de branche. 

Met enige regelmaat houdt Edwin een ketenoverleg waar verschillende soorten gesprekspartners aanschuiven. Dit kunnen zelfstandige winkels zijn, gemengde winkels met een gedeelte kinderkleding in hun assortiment, online spelers, merkenleveranciers of agenturen zijn. Samen brengen zij op regelmatige basis de ontwikkelingen in de markt in kaart, proberen ze merken en leveranciers samen te brengen, starten ze pilots én ontwikkelen zij nieuwe businessmodellen voor de toekomst.

Digitale samenwerking is de toekomst            

Ondanks dat Edwin op één van de warmste dagen van het jaar zich drukbezet van afspraak naar afspraak snelt, weet hij toch tijd voor ons vrij te maken om ons op de hoogte te brengen van de actualiteiten. “Ik heb eigenlijk op dit moment een belangrijk onderwerp. Ik ga namelijk samenwerken op digitaal niveau”, legt hij uit. De kindermodebranche loopt hierin achter ten opzichte van andere branches. Doordat retailers onvoldoende goed samenwerken en de wereld eindeloos transparant is geworden, is een consument vaak beter op de hoogte van product, plaats en prijs dan de retailer en grijpt deze consument daarmee zijn of haar kans met een buitengewoon voordeel.

Edwin geeft een voorbeeld van een winkelier die bij het ketenoverleg had gezeten: deze was 2,5 uur bezig geweest om 3 kinderen helemaal in het nieuw te steken. Het werd een zogeheten lange bon en men nam aan beide zijden tevreden afscheid na de aankoop. Groot was de deceptie dan ook toen enkele dagen later de tassen gevuld weer terugkwamen, omdat de klant alle items online met gemiddeld 30% korting had kunnen aanschaffen. Hoeveel verschil in prijs neemt een klant voor lief om de aankoop toch aan de stenen winkel te gunnen?  Volgens Edwin géén 30%. En zal een winkelier bij een tekort ook direct moeten kunnen naleveren, liefst zonder verzendkosten, wil deze de klant nog kunnen bedienen. 







Wanneer er echter op digitaal niveau tussen retailer en leverancier of merk wordt samengewerkt, voorraden worden beheerd en verkoopresultaten per item worden gemonitord, waardoor er snel - wekelijks of nog vaker - kan worden geanticipeerd op de vraag van de consument, zal dit indirect een goede invloed hebben op de huidige verschillen tussen stenen winkels en online verkoop. Doordat men namelijk in één poule vist, met dezelfde data, vallen de grote verschillen weg. 

De oneerlijke concurrentie tussen stenen winkel en online                  

Bovenstaande werkwijze bestaat mede uit  kleinere voororders van retailers, maar leidt tot een meer marktgerichte verkoop tijdens het seizoen richting consument, met uiteindelijk een kleinere inspanning voor de retailer. Wanneer er uit een voorraad wordt geput, vallen de verschillen tussen B2B en B2C weg. De retailer hoort voorrang te hebben, zodat als het product op de B2B op is, hij op de B2C ook niet meer leverbaar is. Een consument snapt namelijk niet – en dit is ook niet uit te leggen richting consument -  dat een retailer het product niet meer kan leveren en de consument hem vervolgens wél zelf online kan verkrijgen. Naast dat dit ethisch niet verantwoord is richting retailers, moet je je als merk ook afvragen of je een eigen retailkanaal moet voeren. Deze discussie loopt nog volop.

Geen koudwatervrees bij leveranciers                     

Na een belangrijke pilot, eind 2018 met Wehkamp en Babyface, zijn nu circa 75 merken ingestapt met deze gedigitaliseerde manier van werken. Belangrijk hiervoor is, dat meerdere merken en leveranciers, ook degene die nu nog uitstekend draaien, aan de slag gaan met dit businessmodel en geen last hebben van koudwatervrees. Vroeg of laat is bovenstaande manier van werken namelijk de weg naar een stabiele toekomst.




Ook de 100-dagen strategie, dit is een start van de afprijzing minimaal na 100 dagen, kan voor veel merken nog steeds goed opgaan. Duw slowmovers met een kleine korting uit je voorraad, voordat je ze te lang laat liggen en meer moet gaan afprijzen richting einde seizoen. Een hogere afprijzing kost je meer marge en is dus meer verlies, dan dat je het artikel eerder in het seizoen met een lagere korting hebt kunnen afstoten. Ook dit is iets, wat met uitstekende digitalisering, is te monitoren.

Beursbezoek          

Komende zondag is Edwin uiteraard op Sunday School te vinden. Wij vragen hem, wat hij van de geruchten vindt, dat blijkbaar ook consumenten, bloggers en vloggers hun weg naar de halfjaarlijkse beurs weten te vinden. ‘’Ik ben er zelf niet van op de hoogte, maar ik vind dat de organisatie dit goed moet begeleiden, omdat dit een slechte ontwikkeling in de branche is. Een zakelijke beurs is niet de plek voor een consument. De kindermode industrie moet op een slimme manier gebruik maken van de consument. Laat de consument juist reclame voor jou maken, maar dan volledig begeleid door merken, leveranciers en retailers,’’ aldus Edwin.

Onze tijd zit er op en Edwin snelt zich naar zijn volgende afspraak. Een workshop met verschillende ondernemers die hun zakelijke identiteit en waar zij voor staan beter willen doorgronden ten behoeve van hun consumenten. En dat, net op een dag dat zwemmer Maarten van der Weijden, heel Nederland tijdens zijn finishdag laat zien wie HIJ is en waar HIJ voor staat. Toepasselijker kan het niet, Edwin heeft deze avond een goede binnenkomer…


EDWIN BELT, SPECIALIST BIJ INRETAIL AAN HET WOORD


Met meer dan 30 jaar ervaring in de mode, waarvan inmiddels 13 jaar bij INretail weet Edwin Belt als specialist in de kindermode, bodyfashion, jeans en dames- en herenmode feilloos wat er momenteel leeft en speelt in de branche. 

Met enige regelmaat houdt Edwin een ketenoverleg waar verschillende soorten gesprekspartners aanschuiven. Dit kunnen zelfstandige winkels zijn, gemengde winkels met een gedeelte kinderkleding in hun assortiment, online spelers, merkenleveranciers of agenturen zijn. Samen brengen zij op regelmatige basis de ontwikkelingen in de markt in kaart, proberen ze merken en leveranciers samen te brengen, starten ze pilots én ontwikkelen zij nieuwe businessmodellen voor de toekomst.

Digitale samenwerking is de toekomst            

Ondanks dat Edwin op één van de warmste dagen van het jaar zich drukbezet van afspraak naar afspraak snelt, weet hij toch tijd voor ons vrij te maken om ons op de hoogte te brengen van de actualiteiten. “Ik heb eigenlijk op dit moment een belangrijk onderwerp. Ik ga namelijk samenwerken op digitaal niveau”, legt hij uit. De kindermodebranche loopt hierin achter ten opzichte van andere branches. Doordat retailers onvoldoende goed samenwerken en de wereld eindeloos transparant is geworden, is een consument vaak beter op de hoogte van product, plaats en prijs dan de retailer en grijpt deze consument daarmee zijn of haar kans met een buitengewoon voordeel.

Edwin geeft een voorbeeld van een winkelier die bij het ketenoverleg had gezeten: deze was 2,5 uur bezig geweest om 3 kinderen helemaal in het nieuw te steken. Het werd een zogeheten lange bon en men nam aan beide zijden tevreden afscheid na de aankoop. Groot was de deceptie dan ook toen enkele dagen later de tassen gevuld weer terugkwamen, omdat de klant alle items online met gemiddeld 30% korting had kunnen aanschaffen. Hoeveel verschil in prijs neemt een klant voor lief om de aankoop toch aan de stenen winkel te gunnen?  Volgens Edwin géén 30%. En zal een winkelier bij een tekort ook direct moeten kunnen naleveren, liefst zonder verzendkosten, wil deze de klant nog kunnen bedienen. Wanneer er echter op digitaal niveau tussen retailer en leverancier of merk wordt samengewerkt, voorraden worden beheerd en verkoopresultaten per item worden gemonitord, waardoor er snel - wekelijks of nog vaker - kan worden geanticipeerd op de vraag van de consument, zal dit indirect een goede invloed hebben op de huidige verschillen tussen stenen winkels en online verkoop. Doordat men namelijk in één poule vist, met dezelfde data, vallen de grote verschillen weg.

De oneerlijke concurrentie tussen stenen winkel en online 

Bovenstaande werkwijze bestaat mede uit  kleinere voororders van retailers, maar leidt tot een meer marktgerichte verkoop tijdens het seizoen richting consument, met uiteindelijk een kleinere inspanning voor de retailer. Wanneer er uit een voorraad wordt geput, vallen de verschillen tussen B2B en B2C weg. De retailer hoort voorrang te hebben, zodat als het product op de B2B op is, hij op de B2C ook niet meer leverbaar is. Een consument snapt namelijk niet – en dit is ook niet uit te leggen richting consument -  dat een retailer het product niet meer kan leveren en de consument hem vervolgens wél zelf online kan verkrijgen. Naast dat dit ethisch niet verantwoord is richting retailers, moet je je als merk ook afvragen of je een eigen retailkanaal moet voeren. Deze discussie loopt nog volop.

Geen koudwatervrees bij leveranciers                     

Na een belangrijke pilot, eind 2018 met Wehkamp en Babyface, zijn nu circa 75 merken ingestapt met deze gedigitaliseerde manier van werken. Belangrijk hiervoor is, dat meerdere merken en leveranciers, ook degene die nu nog uitstekend draaien, aan de slag gaan met dit businessmodel en geen last hebben van koudwatervrees. Vroeg of laat is bovenstaande manier van werken namelijk de weg naar een stabiele toekomst.

Ook de 100-dagen strategie, dit is een start van de afprijzing minimaal na 100 dagen, kan voor veel merken nog steeds goed opgaan. Duw slowmovers met een kleine korting uit je voorraad, voordat je ze te lang laat liggen en meer moet gaan afprijzen richting einde seizoen. Een hogere afprijzing kost je meer marge en is dus meer verlies, dan dat je het artikel eerder in het seizoen met een lagere korting hebt kunnen afstoten. Ook dit is iets, wat met uitstekende digitalisering, is te monitoren.

Beursbezoek            

Komende zondag is Edwin uiteraard op Sunday School te vinden. Wij vragen hem, wat hij van de geruchten vindt, dat blijkbaar ook consumenten, bloggers en vloggers hun weg naar de halfjaarlijkse beurs weten te vinden. ‘’Ik ben er zelf niet van op de hoogte, maar ik vind dat de organisatie dit goed moet begeleiden, omdat dit een slechte ontwikkeling in de branche is. Een zakelijke beurs is niet de plek voor een consument. De kindermode industrie moet op een slimme manier gebruik maken van de consument. Laat de consument juist reclame voor jou maken, maar dan volledig begeleid door merken, leveranciers en retailers,’’ aldus Edwin.

Onze tijd zit er op en Edwin snelt zich naar zijn volgende afspraak. Een workshop met verschillende ondernemers die hun zakelijke identiteit en waar zij voor staan beter willen doorgronden ten behoeve van hun consumenten. En dat, net op een dag dat zwemmer Maarten van der Weijden, heel Nederland tijdens zijn finishdag laat zien wie HIJ is en waar HIJ voor staat. Toepasselijker kan het niet, Edwin heeft deze avond een goede binnenkomer…